Uit de praktijk
Zijn laatste rondje in de kroeg
Waarom afscheid nemen in een crematorium, als zijn hele leven zich in het café afspeelde?
Hij was 78 jaar geworden. Een echte Amsterdammer. Geen vrouw, geen kinderen, maar wel een enorme familie. Niet van bloedverwanten, maar van vrienden, bekenden en mensen die hem jarenlang hadden omringd.
Zijn stamkroeg was zijn tweede huiskamer. Of misschien eigenlijk wel zijn eerste.
Jaar in, jaar uit kwam hij er. Voor een biertje, een praatje, een grap of gewoon om even onder de mensen te zijn.
Iedereen kende hem. En hij kende iedereen.
Hij hoorde bij het café, net zoals de barkrukken, de tap en de vaste gezichten aan de bar.
Een familie zonder dezelfde achternaam
Toen hij ouder werd, ging niet alles meer vanzelf.
Hij had steeds meer hulp nodig. De gewone dagelijkse dingen werden moeilijker. Maar één ding wist hij zeker: hij wilde absoluut niet naar een verzorgingstehuis.
Hij wilde thuis blijven wonen. In zijn eigen omgeving, tussen zijn eigen spullen en met zijn vertrouwde mensen om zich heen.
En wat gebeurde er?
Zijn vrienden en bekenden stonden op.
Er ontstond een grote groep mantelzorgers. Mensen die boodschappen deden, hem hielpen, naar hem omkeken en ervoor zorgden dat hij zo lang mogelijk zelfstandig kon blijven wonen.
Geen professionele organisatie die alles regelde, maar mensen die simpelweg om hem gaven.
Dat vind ik bijzonder.
Want familie wordt niet altijd bepaald door dezelfde achternaam. Soms ontstaat familie gewoon aan de bar, bij een goed gesprek en een jarenlang gedeeld leven.
Uiteindelijk toch naar het ziekenhuis
Hoe graag iedereen hem ook thuis wilde houden, uiteindelijk ging het niet meer.
Hij werd opgenomen in het OLVG in Amsterdam.
Daar is hij op 78-jarige leeftijd overleden.
En toen kwam de vraag die na ieder overlijden gesteld moet worden:
Hoe gaan we afscheid van hem nemen?
Natuurlijk hadden we een crematorium kunnen reserveren. Bijvoorbeeld Westgaarde in Amsterdam.
Een aula, een spreker, wat muziek en daarna een kop koffie.
Allemaal keurig geregeld.
Maar terwijl we zijn uitvaart bespraken, werd mij eigenlijk al snel iets duidelijk.
Waarom zouden we al die mensen ineens naar een crematorium sturen?
Waarom zouden we hem herdenken in een ruimte waar hij misschien nog nooit van zijn leven was geweest?
Waarom zouden zijn vrienden op nette stoelen moeten zitten, in een onbekende omgeving, terwijl ze hem hun hele leven hadden meegemaakt aan de bar?
Dat voelde niet goed.
Zijn leven had zich voor een belangrijk deel afgespeeld in zijn stamkroeg.
Daar was gelachen, gedronken, gepraat en ongetwijfeld ook weleens stevig gediscussieerd.
Daar waren vriendschappen ontstaan.
Daar kende iedereen zijn verhalen.
En daar moest dus ook zijn afscheid plaatsvinden.
De stamkroeg werd zijn afscheidslocatie
We besloten het anders te doen.
Geen traditionele afscheidsplechtigheid in een crematorium, maar een persoonlijk afscheid in zijn eigen café.
Zijn vertrouwde omgeving.
De plek waar hij thuishoorde.
En eigenlijk was alles daar al aanwezig.
Foto’s van vroeger, waarop hij nog jong was. Muziek die bij hem paste. Zijn vrienden en bekenden. De vertrouwde gezichten die hem jarenlang hadden omringd.
En natuurlijk bier en bitterballen.
Geen stijve bijeenkomst waar iedereen zich afvroeg wanneer hij iets mocht zeggen.
Maar een samenzijn waar herinneringen vanzelf naar boven kwamen.
Waar mensen konden lachen om zijn eigenaardigheden.
Waar verhalen werden verteld die misschien al honderd keer waren verteld, maar die niemand ooit zat werd.
En waar ook ruimte was voor verdriet.
Want achter al die gezelligheid zat natuurlijk het gemis van een man die voor velen een belangrijk onderdeel van hun leven was geweest.
Een biertje op zijn leven
Ik zeg weleens dat een uitvaart niet per se plechtig hoeft te zijn om waardig te zijn.
Waardigheid zit niet in een dure aula, een indrukwekkende rouwauto of een perfect georganiseerde ceremonie.
Waardigheid zit in herkenning.
In mensen die elkaar aankijken en zeggen: Ja, dit was precies zoals hij het gewild zou hebben.
En wat is er dan mooier dan met elkaar het glas te heffen op iemand die jarenlang deel heeft uitgemaakt van je dagelijkse leven?
Met een biertje in de hand.
Een bitterbal op tafel.
En zijn foto tussen de mensen die hem liefhadden.
Een afscheid hoeft niet altijd in een crematorium
Bij RustZacht Uitvaartverzorging kijken we niet alleen naar wat gebruikelijk is.
We kijken vooral naar wie iemand was.
Een afscheid kan plaatsvinden in een crematorium, maar ook in een tuin, een buurthuis, een verenigingsgebouw of, zoals in dit geval, een café. Uiteraard wanneer de locatie daarvoor geschikt is en de benodigde afspraken zijn gemaakt.
Want waarom zouden we iedereen in hetzelfde keurslijf willen stoppen?
De ene persoon voelt zich thuis in een kerk.
De ander in de natuur.
En deze Amsterdammer?
Die hoorde gewoon in zijn kroeg.
Het laatste rondje
Wat mij van deze uitvaart vooral is bijgebleven, is de verbondenheid.
Een man zonder vrouw of kinderen, maar beslist niet zonder familie.
Zijn vrienden hadden hem tijdens zijn laatste levensjaren geholpen om thuis te blijven wonen.
En toen hij overleed, zorgden diezelfde mensen ervoor dat hij op een manier werd herdacht die bij hem paste.
Niet omdat het zo hoorde.
Maar omdat het goed voelde.
En misschien is dat wel de mooiste gedachte achter een persoonlijk afscheid.
Dat je niet hoeft te veranderen wie iemand was, alleen omdat hij is overleden.
Zijn laatste rondje was niet in een crematorium.
Het was in zijn eigen stamkroeg.
En ik denk dat hij daar zelf hartelijk om had kunnen lachen.
Bij RustZacht geloven we dat ieder leven een eigen verhaal verdient. En dus ook een afscheid dat daarbij past. Niet alles hoeft volgens de traditionele regels. Soms is een vertrouwde plek veel waardevoller dan een officiële afscheidsruimte.



